vrijdag 4 februari 2011
Alyss
Ik sprong opgewekt uit de taxi en betaalde de chauffeur het geld dat de meter aangaf. Ik bedankte hem voor het rijden en gooide de deur dicht. Toen bleef ik zwaaien tot de taxi wegreed. Kende ik de chauffeur? Nee. Helemaal niet. Ik had gewoon zin om te zwaaien, en dus zwaaide ik. Toen draaide ik me om naar de hekken die voor het grote gebouw stonden. Ze waren sierlijk van zwart staal -denk ik, ik ben niet goed met materialen- en er zaten allemaal krullen en bloemetjes op. Wat het mooie, gracieuze effect verpeste waren de punten die bovenop het hek zaten. Toch jammer. Het verpestte de sfeer. Ik stond voor het hek en speurde het af op zoek naar een soort bel die ik in kon drukken zodat er een butler in een mooi zwart pak naar het hek zou lopen om het speciaal voor mij open te doen. Helaas kon ik de bel niet vinden dus probeerde ik een andere manier. Ik begon tegen het hek te duwen, maar natuurlijk zat die op slot. Jeetje, ze wisten toch dat er nieuwe leerlingen kwam vandaag. Daar stond ik dan. Midden op straat met mijn mega grote tassen en een koffer die ik mee had genomen. Ik ging zuchtend op een koffer zitten en keek toen de straat door. Niemand te bekennen. Je zou hier zo een van de bekende cowboy films kunnen filmen met zo'n raar rond ding dat dan door het beeld kwam rollen. Toen kwam er een auto aanrijden. En wat voor een auto. Echt eentje die je niet elke dag zag. Ik heb net als van materialen geen verstand van auto's, maar dit was een duur merk. De auto stapte en er stapte een jongen uit. Hij haalde bagage uit de auto. Deed de deur dicht. Stak zijn hand even op en dat was het. Hij keek naar mij. En ik keek naar hem. Hij had een koptelefoon op. Er kwam muziek uit die ik zelfs vanaf hier kon horen. Ik hield mijn hoofd een beetje schuin en stond toen op. Ik liep naar hem toe en stak mijn hand uit. Hij keek er even achterdochtig naar. 'Die moet je schudden.' zei ik droog. Hij keek me aan. Oh. Hij kon me natuurlijk niet horen met die dingen op zijn oren. Ik wees er even naar. Kennelijk begreep hij me en hij deed zijn koptelefoon af. De muziek die eruit kwam was volgens mij metal. Of iets dat er op leek. Ik had mijn hand nog steeds voor me uit gestoken maar het zag er nog steeds niet naar uit alsof hij het zou gaan schudden. Ik trok hem maar weer weg. 'Alyss Gilbert.' zei ik dus maar. 'Will Honeywater.' zei de jongen. Toen was het stil. 'De poort is opslot.' zei ik. Hij knikte. Dat was het. Meer wist ik ook niet te zeggen.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten