dinsdag 15 februari 2011
Alyss
Na gym liep ik samen met een paar meisjes door de gang. Mijn volgende les zou wiskunde zijn. Ik was goed in wiskunde. Er zaten systemen in, en als je dat gewoon toepaste dan was er helemaal niets aan de hand. Ik hield van systemen en ik vond het ook leuk om ergens een systeem in te ontdekken. Vooral in het gedrag van mensen. Ik vond het grappig als ik ontdekte dat iemand een bepaalde handeling altijd deed op een bepaald moment in een bepaalde situatie, als die persoon het zelf niet eens door had. Ik had Maya Wesley er al op betrapt dat ze elke keer als er iemand iets tegen haar zei, ze met haar wijsvinger even aan haar spijkerbroek krabde. En Ian Dobrev schuifelde eventjes met zijn voeten voordat hij begon aan zijn ontbijt/lunch/diner of wat voor eten dan ook. Ik vond het leuk om zulke dingen te zien en sloeg ze dan ook op in mijn hoofd. Ik had best een fotografisch geheugen, en daar was ik ook blij mee. Ik hield er niet van om dingen op te moeten schrijven. Maar wiskunde zat dus ook vol met systemen, en daar hield ik van. Dus ik was nogal vrolijk op weg naar wiskunde, toen ik opeens een zielig hoopje mens tegen de muur van de gang zag zitten. Ik herkende het hoopje meteen als Will Honeywater, mijn kamer buurman ding geval. Ik hield mijn hoofd even schuin en liep toen naar hem toe. Het viel me al meteen op dat hij zijn koptelefoon niet op had. Dat was vreemd. Hij staarde nogal doods naar de grond. 'Hé. Gaat het wel?' vroeg ik. Geen antwoord. Als er iets was waar ik een ontiegelijke hekel aan was dan was het aan geen antwoord krijgen. 'Joehoe?' zei ik nog eens. Weer geen antwoord. Ik begon me te ergeren. Ik hurkte bij hem neer en zwaaide met mijn hand voor zijn hoofd. 'Laat me met rust.' werd er gebromd. 'Pardon?' zei ik met een wenkbrauw opgetrokken. 'Ga weg.' hoorde ik nu iets duidelijker. Nog iets waar ik niet van hield. Iemand die me zei wat ik moest doen. Ik bleef dus zitten. Een tijdje. Kennelijk begon hij zich te irriteren want ineens keek hij me aan. 'Ga weg.' siste hij. Ik keek hem hooghartig aan. 'Waarom zou ik?' zei ik. Dit was weer een van de momenten dat ik mezelf niet was. Dat ik mezelf niet in de hand had. Ik had geen idee wat er zou gebeuren, maar ik wist dat het niet goed zou zijn. 'Ga. Weg.' zei Will. Iets in me was vastberaden om te blijven zitten, maar op een of andere manier wist ik op te staan en dwong ik mezelf door te lopen. Ik moest doorlopen. Niet achterom kijken. Ik was bang voor wat er zou gebeuren als ik achterom zou kijken. Ik móést doorlopen. Nog een stap. En nog een. Nog een stukje en ik was de hoek om. Toen ik de hoek om was bleef ik even staan. Oké. Dat was net goed gegaan. Nu door naar wiskunde. Ik liep vrolijk verder.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Watnou helder...
BeantwoordenVerwijderenKamer ding geval =P