vrijdag 11 februari 2011
Caitlin
Mevrouw Pike had na het plotselinge vertrek van de jongen die naast me had gezeten slechts norm met haar hoofd geschud, om vervolgens haar verhaal te hervatten. Jammer voor die jongen, dit was het enige interessante gedeelte. Pest. Dood. Verderf. Hoe slecht het ook was, dit vond ik een stuk leuker om naar te luisteren dan die saaie verhalen over het feodale stelsel. Om nog maar te zwijgen over de heksenvervolgingen. Daar ging mijn bloed van koken. Smerige mannenverzinsels. Bah. Niet dat ik er erg over in zat dat die jongen, die ze Honeywater noemde, de klas uit was gestormd, zo kon ik ten minste normaal gaan zitten. Zijn mannendeodorant had me misselijk gemaakt. Er was maar een geur walgelijker dan mannendeodorant. Het was fijn om weer vrij te kunnen ademen. Toen eindelijk de zoemer ging liep ik zonder haast in de richting via de deur. Mevrouw Pike lachte me vriendelijk na. Ik grinnikte in mezelf. Ze was sowieso al strenger tegenover de jongens dan de meiden, maar mij leek ze haast wel aardig te vinden. Vast een feministe. Het viel te merken aan de omslag in haar stem als ze het over feministen had. Ik zou kunnen zweren dat haar ogen oplichtten, iedere keer dat de naam Aletta Jacobs genoemd werd. Ik kon haar geen ongelijk geven. Het maakte je toch een soort van trots, dat die vrouw de eerste was die te mannen op hun nummer zette. Dat had de geschiedenis hard nodig gehad. Toen ik het lokaal verliet werd mijn aandacht getrokken door de gedaante van Honeywater, die ineengedoken tegen een muur zat geleund. Ik slikte. Hij zag er wanhopig uit, het had iets kinderlijks. Hij rilde. Ik keek om me heen. Alle andere leerlingen negeerden het. Niemand stak een vinger naar hem uit. Aarzelend stond ik naar hem te kijken. Het ging me niet aan. Het kon me niet schelen. Hij was een man. Uitschot. Gewoon het zoveelste zielige zelfzuchtige probleempje toch? Of misschien probeerde hij wel gewoon aandacht te trekken. Ik beet op mijn lip. Mijn bezorgdheid won het van mijn mannenhaat. Langzaam liep ik naar hem toe en stak mijn hand uit, maar trok hem snel weer terug. Ik schraapte mijn keel. "Ehm... Gaat het?" vroeg ik voorzichtig. De jongen keek op. Zijn ogen waren nat. Hij knikte langzaam. Ik haalde diep adem. En nu? Moest ik verdervragen? Ik had geen zin in een zielig verhaal. Maar als hij wilde praten... Nee. Ik kende hem niet eens. Hij had vast wel andere mensen om mee te praten. Maar misschien wilde hij ook wel niet praten. Mannen praatten niet over hun gevoelens toch? Alleen over hun lichamelijke gevoelens. Ik slikte moeizaam. "Ehm... Wil je... Eh... Kan ik iets voor je doen?" Honeywater keek me verrast aan. Ik kon mezelf wel voor mijn kop slaan. Dat was de stomste vraag om aan een man te stellen. Dan kon ik net zo goed meteen uit de kleren gaan. Honeywater zei niks maar bleef me raar aankijken. Het irriteerde me. "Weet je, laat ook maar!" riep ik gepikeerd. Ik stond op en schudde mijn hoofd. "Ik wilde alleen maar helpen hoor." voegde ik er nog verontwaardigd aan toe. Daarna draaide ik me demonstratief om en begon in de tegengestelde richting te lopen. Zachtjes vloekend realiseerde ik me dat het de verkeerde kant was. Dan maar omlopen. Mijn gezicht gloeide. De schoft. Ik had hem gewoon moeten laten stikken. Terwijl ik verder stampte door de gangen probeerde ik mezelf er met alle macht van te overtuigen dat Honeywater iets verkeerd had gedaan. Al wist ik nog niet precies wat.
Labels:
Caitlin,
Mevrouw Pike,
Will
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten